Usbeck waterstraalpomp van vernikkeld messing, met geïntegreerde terugslagklep, voor kraanmontage via schroefdraad. Het artikel is beschikbaar in drie draadmaten: G 3/8 (L1001513), G 1/2 (L1001514) en G 3/4 (L1001515). Eindvacuüm -0,9 bar bij een waterverbruik van 6,4 l/min. Geen elektriciteit vereist. Selecteer de gewenste draadmaat via de keuzeoptie boven de bestelknop.
Een waterstraalpomp is een eenvoudige vacuümpomp zonder bewegende delen die werkt op basis van het Venturi-effect: een snelle waterstroom door de straalbuis veroorzaakt onderdruk in de zijopening, waardoor gas of vloeistof wordt aangezogen. De pomp heeft geen motor en verbruikt geen elektriciteit; de benodigde energie komt uitsluitend van de waterdruk uit de kraan. Meer achtergrond over het gebruik van vacuüm in het laboratorium vindt u in het kennisbankartikel Vacuüm in het laboratorium.
De Usbeck waterstraalpomp is vervaardigd uit vernikkeld messing en is daarmee robuust en bestand tegen de mechanische belasting van kraanmontage. De geïntegreerde terugslagklep voorkomt dat water terugstroomt in de vacuümopstelling bij een daling van de waterdruk of bij het afsluiten van de kraan.
Behuizing en inwendige onderdelen zijn van vernikkeld messing. De pomp is niet bedoeld voor routinedemontage; reiniging vindt plaats door doorspoelen met water. Vernikkeld messing is bestand tegen water en milde waterige oplossingen, maar niet geschikt voor gebruik met geconcentreerde zuren, logen of organische oplosmiddelen als medium.
Het artikel is beschikbaar in drie uitvoeringen die uitsluitend verschillen in aansluitdraad:
G 3/4 is de meest gangbare kraanaansluiting in West-Europese laboratoria; G 1/2 komt voor op kleinere mengkranen. Controleer de draadmaat van uw kraanuitlaat vóór bestelling. Materiaal- en prestatietechnisch zijn de drie uitvoeringen identiek.
De maximaal bereikbare onderdruk bedraagt -0,9 bar (eindvacuüm circa 100 mbar abs.) bij een waterverbruik van 6,4 l/min. Het werkelijk bereikbare eindvacuüm is afhankelijk van de watertemperatuur: kouder water levert een dieper vacuüm omdat de dampspanning lager is. Bij 15 °C kraanwater is in de praktijk een eindvacuüm van circa 15–20 mbar abs. haalbaar; bij 25 °C water circa 30–35 mbar abs.
De meest voorkomende toepassing is vacuümfiltratie: de pomp wordt op de kraan geschroefd en via een vacuümslang aangesloten op een afzuigerlenmeyer met Büchner-trechter of membraanfilterhouder. De terugslagklep biedt basisbeveiliging; bij langdurige filtraties is het te adviseren een veiligheidsflacon (fles van Woulfe) tussen de opstelling en de pomp te plaatsen als extra bescherming tegen terugstromen van water bij onverwacht drukverlies. Omdat de pomp continu water verbruikt zolang zij in bedrijf is, verdient het aanbeveling de kraan direct na gebruik te sluiten.
Voor toepassingen waarbij een dieper of stabieler eindvacuüm vereist is — zoals rotatieverdamping of vacuümovens — is een olievrije membraanvacuümpomp of membraanvacuümpomp de aangewezen keuze.
Bekijk het volledige assortiment pompen & vacuüm of neem contact op voor advies.
Inloggen
Wachtwoord vergeten
Account aanmaken
Uw winkelwagen is leeg.