Alledaagse materialen: Staalwol fijnmazig 000 of 0000 (bouwmarkt, ook als keukenstaaltje) • witte azijn of schoonmaakazijn min. 5 % (supermarkt/bouwmarkt) • graduated cilinder of maatbuis 100 mL • ondiepe bak met water • statief met klem
Niveau: Scheikunde HAVO/VWO klas 4
Een prop staalwol uit de bouwmarkt en een scheutje azijn uit de keuken zijn voldoende voor een van de meest nauwkeurige schoolexperimenten om het zuurstofgehalte van lucht te bepalen. IJzer reageert met zuurstof en waterdamp tot ijzer(III)oxide-hydroxide (roest) — een trage maar meetbare redoxreactie. De azijn verwijdert de beschermende oxide-laag van het staal, waardoor de reactie merkbaar versnelt. Doordat er bij roesten géén gasproduct vrijkomt (anders dan bij verbranding), daalt het gasvolume in de buis precies met het verbruikte zuurstofvolume. Dit maakt staalwol tot een nauwkeuriger meetinstrument voor luchtsamenstelling dan een kaarsje.
Niveau: Scheikunde HAVO klas 4 / VWO klas 3–4
Niveau: Scheikunde HAVO klas 4 (redoxreacties, halfreacties); VWO klas 4 (molberekening)
Roesting van ijzer verloopt in twee stappen. Eerst wordt ijzer geoxideerd door zuurstof en water:
4 Fe + 3 O2 + 6 H2O → 4 Fe(OH)3 (vereenvoudigd)
Het ijzer(III)hydroxide dehydrateert vervolgens gedeeltelijk tot het vertrouwde roestproduct (Fe2O3·H2O). Cruciaal voor het experiment: er komt bij dit proces geen gas vrij. Het verbruikte O2-volume wordt volledig opgenomen in het vaste roestproduct. Dit is het fundamentele voordeel boven het kaarsexperiment, waarbij verbrandingsgassen (CO2) het zuurstofvolume gedeeltelijk compenseren.
De azijn (verdund azijnzuur, CH3COOH) lost de dunne passiverende oxide-laag op het staaloppervlak op, waardoor vers ijzeroppervlak blootstaat aan de lucht en de reactie vlot verloopt. Zonder azijn roest het staal te langzaam voor een schoolexperiment.
Niveau: alle niveaus
Azijn is een mild zuur; vermijd contact met ogen. Was bij contact direct met water. Staalwol is scherp aan de randen: gebruik bij voorkeur een pincet. Roestende staalwol warmt licht op — dit is normaal en niet gevaarlijk. Er komen geen gevaarlijke gassen vrij. Het experiment is veilig uitvoerbaar in een standaard scheikundelokaal.
Niveau: Scheikunde HAVO klas 4 (vragen 1–3 en 5–6) / VWO klas 4 (alle vragen inclusief molberekening)
Niveau: Scheikunde HAVO klas 4 / VWO klas 4
Een goede uitvoering geeft een stijging van circa 19–21 % van het cilinder-volume — dicht bij de werkelijke waarde van 20,9 %. De meting is nauwkeuriger dan het kaarsexperiment omdat er geen gasproducten worden gevormd die het gemeten volume compenseren.
Bij verbranding (kaarsje) wordt O2 verbruikt maar CO2 vrijgemaakt. CO2 lost slechts gedeeltelijk op in water, waardoor de netto volumedaling minder dan 21 % is. Bovendien warmt de vlam de lucht op, waardoor een deel van de lucht vóór afsluiting al verdreven wordt. Bij staalwolroesting treedt geen van deze effecten op: er komt geen gas vrij en de reactie is isotherm (kamertemperatuur).
Oxidatie: 4 Fe → 4 Fe³⁺ + 12 e⁻ Reductie: 3 O2 + 12 e⁻ → 6 O²⁻ Netto (vereenvoudigd, met water): 4 Fe + 3 O2 + 6 H2O → 4 Fe(OH)3
21 mL O2 = 0,021 L. Mol O2 = 0,021 / 22,4 = 9,375 × 10−4 mol. Uit de vergelijking: 4 mol Fe reageert met 3 mol O2. Mol Fe = (4/3) × 9,375 × 10−4 = 1,25 × 10−3 mol. Massa Fe = 1,25 × 10−3 × 56 = 0,070 g = 70 mg. Een kleine hoeveelheid — staalwol heeft een enorm oppervlak per gram, waardoor ook kleine massa's effectief reageren.
Zoutzuur lost ijzer op maar produceert daarbij waterstofgas (H2): Fe + 2 HCl → FeCl2 + H2↑. Dit gasproduct zou het cilinder-volume juist vergroten in plaats van verkleinen, en het experiment onbruikbaar maken als zuurstofmeter. Bovendien is zoutzuur gevaarlijker dan azijn.
Steek een gloeispaan aan en houd hem bij het open uiteinde van de cilinder wanneer u hem uit het water haalt. In normale lucht gloeit de spaan fel op; in zuurstofarm restgas (overwegend stikstof) dooft hij onmiddellijk. Dit is een klassieke gloeispaan-test voor zuurstof.
Roesting kost de wereldeconomie jaarlijks naar schatting 2,5 biljoen dollar — circa 3,4 % van het wereldwijde bbp. IJzer en staal worden beschermd door galvaniseren (zinklaag), coaten (verf, epoxy), kathode-bescherming (opofferanode) of legeren (roestvrij staal met chroom). Dit practicum maakt het mechanisme van corrosie zichtbaar en meetbaar, en legt de basis voor begrip van deze beschermingsstrategieën.
Bekijk het volledige assortiment onderwijsmaterialen voor scheikunde in onze webshop, of neem contact op voor advies over geschikte practica voor uw situatie.
Inloggen
Wachtwoord vergeten
Account aanmaken
Uw winkelwagen is leeg.