Practicum: Elektrische schakelingen – wet van Ohm – Natuurkunde Klas 1 HAVO

In dit practicum voor klas 1 HAVO verifieer je de wet van Ohm (U = I × R) en onderzoek je het gedrag van stroomsterkte en spanning in serie- en parallelschakelingen. Je leert spannings- en stroommeting met voltmeter en amperemeter.

Leerdoel

Na dit practicum kun je de wet van Ohm formuleren en toepassen, het verschil uitleggen tussen serie- en parallelschakeling (stroom en spanning), de totale weerstand berekenen voor serie- (Rtot = R₁ + R₂) en parallelschakeling (1/Rtot = 1/R₁ + 1/R₂), en weerstand meten via U-I-karakteristiek.

Cursusniveau en vakgebied

Niveau: HAVO klas 1 | Vak: Natuurkunde | Domein: G1 Gebruik van elektriciteit | Spanning, stroomsterkte, weerstand, wet van Ohm, serie, parallel, voltmeter, amperemeter

Benodigdheden

  • Voeding (0–12 V DC, regelbaar)
  • Weerstanden: 100 Ω, 220 Ω (kleurcodes gegeven)
  • Voltmeter (parallel), amperemeter (in serie)
  • Draden, schakelopstellingen, breadboard
  • LED (voor niet-ohmse demonstratie, optioneel)

Achtergrondinformatie

Wet van Ohm: U = I × R (V = A × Ω). Een ohmse weerstand: R is constant (lineair U-I-verband). Serieschakeling: I is gelijk in alle onderdelen; Utot = U₁ + U₂; Rtot = R₁ + R₂. Parallelschakeling: U is gelijk over alle onderdelen; Itot = I₁ + I₂; 1/Rtot = 1/R₁ + 1/R₂.

Werkwijze

Deel A – Wet van Ohm (U-I-karakteristiek)

  1. Sluit één weerstand (100 Ω) aan. Stel de spanning in op 2, 4, 6, 8, 10 V. Meet bij elke spanning de stroomsterkte I. Noteer.
  2. Teken het U-I-diagram. Bereken de helling (= weerstand R).

Deel B – Serie- en parallelschakeling

  1. Serieschakeling R₁ = 100 Ω en R₂ = 220 Ω: Ubron = 9 V. Meet U over R₁, U over R₂ en I door de schakeling.
  2. Parallelschakeling: Ubron = 9 V. Meet I door R₁, I door R₂ en totale I.

Meettabel Deel A (R = 100 Ω)

U (V)I (mA)R = U/I (Ω)
2  
4  
6  
8  
10  

Verwerkingsvragen

  1. Bereken Rtot van de serieschakeling (R₁ = 100 Ω; R₂ = 220 Ω) en de stroom bij U = 9 V.
  2. Bereken Rtot van de parallelschakeling en de totale stroom bij U = 9 V.
  3. Thuis staan drie lampen (elk 100 W, 230 V) parallel. Bereken de totale stroom.

Uitwerking

V1: Rtot = 100 + 220 = 320 Ω. I = U / Rtot = 9 / 320 = 0,0281 A = 28,1 mA.

V2: 1/Rtot = 1/100 + 1/220 = 0,01000 + 0,00455 = 0,01455. Rtot = 1/0,01455 = 68,7 Ω. Itot = 9 / 68,7 = 0,131 A = 131 mA.

V3: Per lamp: I = P/U = 100/230 = 0,435 A. Drie lampen parallel: Itot = 3 × 0,435 = 1,30 A.

Benodigde laboratoriumapparatuur van Labvakhandel

Labvakhandel levert broodbordsets, weerstanden, voltmeters, amperemeters en regelbare voedingen voor elektrische-schakeling-praktika in het voortgezet onderwijs.

Bekijk het assortiment natuurkunde of neem contact op voor advies.

Meer practicumopdrachten

Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.