Practicum: Hartslag en bloeddruk – Biologie Klas 3 HAVO

In dit practicum voor klas 3 HAVO meet je je eigen hartslag en bloeddruk in rust, direct na inspanning en tijdens herstel. Je koppelt de metingen aan de werking van het hart, het circulatiestelsel en het begrip homeostase.

Leerdoel

Na dit practicum kun je hartfrequentie (HF) en bloeddruk (systolisch/diastolisch) meten en interpreteren, het hartminuutvolume berekenen (HMV = HF × slagvolume), de invloed van inspanning op HF en bloeddruk verklaren via O₂-vraag, en het begrip homeostase toepassen op hartslag.

Cursusniveau en vakgebied

Niveau: HAVO klas 3 | Vak: Biologie | Domein: O (orgaan- en organismeniveau), C (interactie) | Hartfrequentie, bloeddruk, hartminuutvolume, homeostase, circulatiestelsel, inspanning

Benodigdheden

  • Digitale bloeddrukmeter (bovenarm of pols) of stethoscoop + sfygmomanometer
  • Stopwatch
  • Inspanningsprotocol: 3 min staptesten op een stoel (steppen)

Achtergrondinformatie

Het hart pompt bloed via twee circuits: longen (kleine circulatie) en lichaam (grote circulatie). Hartfrequentie (HF): aantal slagen per minuut (rust: 60–80/min). Bloeddruk: systolisch (max, bij samentrekking) / diastolisch (min, bij ontspanning). Normaal: <120/80 mmHg. Hartminuutvolume (HMV) = HF × slagvolume (normaal ≈70 mL). Bij inspanning: spieren vragen meer O₂ → sympathisch zenuwstelsel verhoogt HF en slagvolume → HMV stijgt → meer O₂-aanvoer. Homeostase: na inspanning daalt HF langzaam terug naar rust.

Werkwijze

  1. Rust 5 min. Meet hartslag (tel 15 s, vermenigvuldig ×4) en bloeddruk. Noteer.
  2. Voer 3 min staptesten uit (op en neer van een stoel of trap, ≈24×/min).
  3. Meet direct na inspanning: HF en bloeddruk. Noteer.
  4. Meet elke minuut de hartslag gedurende 5 min herstel. Noteer herstelcurve.

Meettabel

MomentHF (/min)Syst. BP (mmHg)Diast. BP (mmHg)HMV (mL/min)*
Rust    
Direct na inspanning    
Herstel 1 min  
Herstel 3 min  
Herstel 5 min  

*Bereken HMV = HF × 70 mL (aangenomen slagvolume).

Verwerkingsvragen

  1. Verklaar waarom hartslag en bloeddruk stijgen tijdens inspanning.
  2. Teken een schets van de herstelcurve (HF vs. tijd). Welke factor bepaalt hoe snel de hartslag herstelt?
  3. Iemand heeft een rusthartslag van 55/min. Is dat normaal? Verklaar.

Uitwerking

V1: Bij inspanning verbruiken spieren meer O₂ en produceren meer CO₂. Het sympathische zenuwstelsel reageert via verhoogde adrenalineafgifte en directe innervatie: HF stijgt (chronotrope werking) en het slagvolume neemt toe (inotrope werking). Dit verhoogt het hartminuutvolume → meer bloed per minuut naar de spieren → meer O₂-aanvoer.

V2: Na inspanning daalt HF exponentiëel naar de rustwaarde (herstelcurve). De herstelsnelheid wordt bepaald door conditie (getrainde atleten herstellen sneller, lagere rustHF), leeftijd, en de duur/intensiteit van de inspanning.

V3: Ja, dat is normaal of zelfs gunstig. Een rusthartslag van 55/min wijst op een goed getraind hart met een groot slagvolume (het hart pompt per slag meer bloed, zodat minder slagen per minuut nodig zijn). Topsporters hebben soms een rusthartslag van 40–50/min. Afwijkend lage hartslag (<40) kan ook op een bradycardieaandoening wijzen.

Benodigde laboratoriumapparatuur van Labvakhandel

Labvakhandel levert digitale bloeddrukmeters, stethoscopen en stopwatches voor fysiologiepraktika in het voortgezet biologieonderwijs.

Bekijk het assortiment of neem contact op voor advies.

Meer practicumopdrachten

Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.