Practicum: Zenuwstelsel – reflexen en reactietijd – Biologie Klas 4 HAVO

In dit practicum voor klas 4 HAVO onderzoek je reflexen (kniepeesreflex) en meet je de reactietijd bij bewuste en onbewuste prikkels. Je koppelt de resultaten aan de reflexboog, actiepotentiaal, myelineschede en de onderdelen van het zenuwstelsel.

Leerdoel

Na dit practicum kun je de reflexboog beschrijven (receptor, afferente zenuw, zenuwcentrum, efferente zenuw, effector), het verschil uitleggen tussen een reflex en een bewuste reactie, de actiepotentiaal (polarisatie, depolarisatie, repolarisatie) beschrijven, en de functie van de myelineschede toelichten (salterende geleiding).

Cursusniveau en vakgebied

Niveau: HAVO klas 4 | Vak: Biologie | Domein: O (orgaan- en organismeniveau), C (interactie) (CE) | Reflex, reflexboog, actiepotentiaal, myelineschede, reactietijd, synaps, neurotransmitter

Benodigdheden

  • Reflexhamer
  • Liniaal (30 cm) voor reactietijdtest
  • Stopwatch (optioneel voor reactietijd)
  • Online reactietijdtest (computer/tablet, optioneel)

Achtergrondinformatie

Een reflex is een snelle, onbewuste reactie op een prikkel via de reflexboog. Kniepeesreflex (rekreflex): prikkel op patellapees → strekspier van het been trekt samen. Reflexboog: receptor (spierspoeltje) → afferente zenuw → ruggenmerg (zenuwcentrum) → efferente zenuw → effector (spier). Actiepotentiaal: rusttoestand K⁺ buiten, Na⁺ binnen; prikkel opent Na⁺-kanalen → depolarisatie → repolarisatie (K⁺ stroomt naar buiten). Myelineschede: vetrijke laag rondom axon; isoleert en versnelt geleiding (salterende geleiding).

Werkwijze

Proef A – Kniepeesreflex

  1. Proefpersoon zit op tafel met het been vrij hangend. Ontspan de been spieren volledig.
  2. Tik met de reflexhamer op de patellapees (net onder de knieschijf). Observeer de reactie.
  3. Herhaal terwijl de proefpersoon op zijn handen trekt (Jendrassik-manoeuvre). Verschil?

Proef B – Reactietijd meting (liniaaltest)

  1. Persoon A houdt de liniaal verticaal. Persoon B houdt duim en wijsvinger aan de 0-cm markering. Persoon A laat de liniaal los (zonder aankondiging). B probeert zo snel mogelijk te klemmen.
  2. Meet de afgevallen afstand (cm). Bereken reactietijd: t = √(2h/g) met g = 9,8 m/s².
  3. Herhaal 5×. Neem het gemiddelde. Vergelijk visuele reactietijd (ogen open) met auditieve (ogen dicht, tik als signaal).

Meettabel Reactietijd

Poging12345Gemiddeld
Afstand (cm)      
Reactietijd (ms)      

Verwerkingsvragen

  1. Verklaar waarom de kniepeesreflex sneller verloopt dan een bewuste reactie.
  2. Bereken de reactietijd als de liniaal 15 cm valt (g = 9,8 m/s²).
  3. MS (multiple sclerose) tast de myelineschede aan. Wat is het gevolg voor reflexen en reactietijd?

Uitwerking

V1: Bij een reflex verloopt het signaal alleen via het ruggenmerg (niet via de hersenen). Het signaal hoeft een kortere weg af te leggen → minder synapsen → minder vertraging. Bewuste reacties gaan via hersenstam → hersenschors → terug naar ruggenmerg → langere signaaltijd.

V2: t = √(2h/g) = √(2 × 0,15 / 9,8) = √(0,0306) = 0,175 s = 175 ms.

V3: Bij MS worden myelinescheden beschadigd → de salterende geleiding valt weg. Het actiepotentiaal moet continu geleiden langs het hele axon → veel langzamer. Gevolgen: verlenging van reactietijden, verzwakking of uitval van reflexen, coördinatieproblemen, spierzwakte — afhankelijk van welke zenuwbanen zijn aangedaan.

Benodigde laboratoriumapparatuur van Labvakhandel

Labvakhandel levert reflexhamers, linialen en stopwatches voor zenuwstelselpraktika in het voortgezet biologieonderwijs.

Bekijk het assortiment of neem contact op voor advies.

Meer practicumopdrachten

Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.