Practicum: Atoommodel en periodiek systeem – NaSk2 Klas 1 VMBO-T

In dit practicum voor klas 1 VMBO-T bouw je een atoommodel van eenvoudige elementen en leer je het periodiek systeem gebruiken (BINAS tabel 99). Je onderscheidt elementen van verbindingen en identificeert elementen via vlamkleuren.

Leerdoel

Na dit practicum kun je de bouw van een atoom beschrijven (kern: protonen + neutronen; schillen: elektronen), het periodiek systeem gebruiken om gegevens op te zoeken (ordegetal, massagetal, elektronen per schil), het onderscheid maken tussen element en verbinding, en elementen identificeren via vlamkleuren.

Cursusniveau en vakgebied

Niveau: VMBO-T klas 1 | Vak: NaSk2 | Domein: K/8 Bouw van de materie | Atoom, proton, neutron, elektron, ordegetal, massagetal, periodiek systeem, element, verbinding, vlamkleur

Benodigdheden

  • Styrofoam ballen (groot = kern, klein = elektronen), prikkers
  • Kleurcode: rood = proton, blauw = neutron, geel = elektron
  • Gasbrander, vlamtest-draadje (nichroom of platina)
  • Oplossingen: NaCl (geel), KCl (lila), CaCl₂ (rood), LiCl (karmijnrood), CuSO₂ (groen)
  • Zoutzuur (HCl verdund, voor reiniging draadje), BINAS

Achtergrondinformatie

Elk element bestaat uit atomen met een kenmerkend ordegetal Z (= aantal protonen = aantal elektronen bij neutraal atoom) en massagetal A (= protonen + neutronen). Elektronen zitten in schillen: schil 1 max. 2 e⁻; schil 2 max. 8 e⁻; schil 3 max. 8 e⁻. Element: één soort atoom (bijv. O, Fe, Na). Verbinding: twee of meer soorten atomen chemisch gebonden (bijv. H₂O, NaCl, CO₂). Vlamkleuren: aangeslagen elektronen vallen terug naar een lager energieniveau → fotonen met element-specifieke kleur.

Werkwijze

Deel A – Atoommodel bouwen

  1. Zoek in BINAS: Na (Z=11, A=23) en O (Z=8, A=16).
  2. Bouw de kern (rode en blauwe ballen) en verdeel de elektronen over de schillen.
  3. Noteer het elektronenschema voor Na (2-8-1) en O (2-6).

Deel B – Vlamkleuren

  1. Reinig het draadje in HCl en houd in de vlam tot kleurloos. Doop in NaCl-oplossing. Houd in vlam. Noteer de kleur.
  2. Herhaal na reiniging voor KCl, CaCl₂, LiCl en CuSO₂.

Vlamkleurentabel

OplossingElementOrdegetal ZVlamkleur (waargenomen)
NaClNatrium (Na)11 
KClKalium (K)19 
CaCl₂Calcium (Ca)20 
LiClLithium (Li)3 
CuSO₂Koper (Cu)29 

Verwerkingsvragen

  1. Natrium heeft Z = 11 en A = 23. Hoeveel protonen, neutronen en elektronen heeft een neutraal Na-atoom? Geef het elektronenschema.
  2. Is NaCl een element of een verbinding? Verklaar aan de hand van de formule.
  3. Verklaar waarom elk element een unieke vlamkleur geeft.

Uitwerking

V1: Protonen = Z = 11. Neutronen = A − Z = 23 − 11 = 12. Elektronen = Z (neutraal) = 11. Elektronenschema: schil 1: 2; schil 2: 8; schil 3: 1 → 2-8-1.

V2: NaCl is een verbinding. De formule NaCl bevat twee soorten symbolen: Na (natrium) en Cl (chloor) → twee soorten atomen chemisch gebonden. Een element zou alleen één soort atoom bevatten (bijv. Na of Cl afzonderlijk).

V3: Elk element heeft een unieke elektronenconfiguratie. De elektronen in verschillende schillen hebben vaste energieniveaus. Als elektronen door hitte worden aangeslagen en terugvallen naar een lagere schil, zenden ze fotonen uit met een vaste energiehoeveelheid (= vaste golflengte = vaste kleur). Deze energieovergangen zijn elementspecifiek → unieke kleur.

Benodigde laboratoriumapparatuur van Labvakhandel

Labvakhandel levert atoommodel-bouwsets, vlamtest-draadjestests en ionenoplossingen voor atoommodel-praktika in het voortgezet scheikunde-onderwijs.

Bekijk het assortiment scheikunde artikelen Bekijk het assortiment natuurkunde artikelen of neem contact op voor advies.

Meer practicumopdrachten

Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.