Practicum: Voedselanalyse – voedingsstoffen aantonen – Biologie Klas 4 VMBO-T

In dit examenpracticum voor klas 4 VMBO-T toon je de vier hoofdgroepen voedingsstoffen aan in diverse voedselmonsters: zetmeel (jood), glucose (Fehling), eiwit (biureet) en vet (Sudan III of vetplek). Je koppelt aan spijsvertering en voedselkwaliteit.

Leerdoel

Na dit practicum kun je de voedingsstoftests beschrijven en uitvoeren, resultaten interpreteren en conclusies trekken, de spijsvertering van koolhydraten, eiwitten en vetten beschrijven (enzymen, opname), en gezonde voeding koppelen aan preventie van welvaartsziekten.

Cursusniveau en vakgebied

Niveau: VMBO-T klas 4 (examenjaar) | Vak: Biologie | Domein: K/6 Voeding en vertering (CE) | Zetmeel, glucose, eiwit, vet, Fehling, biureet, jood, Sudan III, spijsvertering, voedingsstoffen

Benodigdheden

  • Voedselmonsters: broodoplossing, suikeroplossing, melk, olie, eiwit van ei, appelsap
  • I₂KI-oplossing (jood) voor zetmeel
  • Fehling A + B voor glucose (waterbad 70°C)
  • Biureetreagens (NaOH + CuSO₂) voor eiwit
  • Sudan III voor vet
  • Reageerbuisjes, waterbad, druppelpipetten, veiligheidsbril

Achtergrondinformatie

  • Zetmeel: I₂KI → blauwzwart.
  • Glucose: Fehling A+B → oranje-rood neerslag bij verhitting.
  • Eiwit: biureet → paars-violet (peptidebindingen).
  • Vet: Sudan III → rode kleur van vetdruppels; of doorschijnende vlek op papier.

Werkwijze

  1. Label 4 reageerbuisjes per voedselmonster (voor de 4 tests).
  2. Test 1: 2 druppels I₂KI op het monster. Blauwzwart = zetmeel.
  3. Test 2: Fehling A+B (gelijke delen). Verhit 5 min (70°C). Oranje/rood = glucose.
  4. Test 3: 2 druppels biureetreagens. Paars = eiwit.
  5. Test 4: 2 druppels Sudan III. Rood = vet; of wrijf op papier, doorschijnend = vet.

Observatietabel

MonsterZetmeel (jood)Glucose (Fehling)Eiwit (biureet)Vet (Sudan III)
Broodoplossing    
Suikeroplossing    
Melk    
Olie    
Eiwit (ei)    
Appelsap    

Verwerkingsvragen

  1. Brood geeft positief op zetmeel EN op glucose. Verklaar hoe dat kan.
  2. Beschrijf de vertering van vet in het spijsverteringskanaal: welk orgaan en enzym zijn betrokken?
  3. Verklaar waarom een negatieve controle (puur water) nodig is bij dit productonderzoek.

Uitwerking

V1: Brood bevat zetmeel (polymeer van glucose) → positief joodtest. Brood bevat ook vrije glucose en reducerende suikers (maltose, uit afbraak van zetmeel tijdens bakken/rijzen). Fehling reageert positief op reducterende suikers → ook positief Fehling.

V2: Vet wordt in de dunne darm verteerd. De gal (geproduceerd in de lever, opgeslagen in de galblaas) emulgeert de vetdruppels (maakt ze kleiner = vergroot oppervlak). Vervolgens breekt het enzym lipase (uit de alvleesklier) de vetten af tot glycerol en vetzuren, die worden opgenomen via de darmvlokken in het lymfestelsel.

V3: De negatieve controle (gedestilleerd water) toont aan dat de reagens zelf niet van kleur verandert zonder de voedingsstof (uitsluiten vals-positief). Als water ook positief zou reageren, klopt er iets met de reagens of de test.

Benodigde laboratoriumapparatuur van Labvakhandel

Labvakhandel levert voedselanalyse-sets (jood, Fehling, biureet, Sudan III) voor spijsverterings-praktika in het voortgezet biologieonderwijs.

Bekijk het assortiment of neem contact op voor advies.

Meer practicumopdrachten

Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.