Practicum: Bouw van de materie – molecuulmodellen – NaSk2 Klas 4 VMBO-T

In dit examenpracticum voor klas 4 VMBO-T bouw je molecuulmodellen van veelvoorkomende verbindingen (H₂O, CO₂, NH₃, CH₂) en analyseer je de covalente bindingen. Je koppelt aan polaire en apolaire moleculen, oplosbaarheid en toepassingen.

Leerdoel

Na dit practicum kun je het begrip covalente binding beschrijven (gedeeld elektronenpaar), molecuulmodellen bouwen en tekenen, het verschil uitleggen tussen polaire en apolaire moleculen, de relatie tussen polariteit en oplosbaarheid toepassen (“gelijk lost gelijk op”), en formules opzoeken in BINAS.

Cursusniveau en vakgebied

Niveau: VMBO-T klas 4 (examenjaar) | Vak: NaSk2 | Domein: K/8 Bouw van de materie (CE) | Covalente binding, molecuulmodel, polaire molecuul, apolaire molecuul, BINAS, oplosbaarheid

Benodigdheden

  • Molecuulbouwdoos (balletjes als atomen, stokjes als bindingen)
  • BINAS (periodiek systeem, valentie-elektronen per element)
  • Tekenpapier voor Lewis-structuren
  • Demonstratieoplosbaarheid: olie in water (apolair in polair = niet oplosbaar); ethanol in water (beide polair = wel oplosbaar)

Achtergrondinformatie

Covalente binding: twee atomen delen een elektronenpaar. Elk atoom wil zijn valentie-elektronen aanvullen tot een edelgasconfiguratie. Enkelvoudige binding (één elektronenpaar gedeeld): H–H; dubbele binding: O=C=O; drievoudige: N⊺N. Polair molecuul: ongelijke lading door verschil in elektronegativiteit en molecuulgeometrie (bijv. H₂O, NH₃). Apolair molecuul: gelijkmatig verdeelde lading (bijv. CH₂, CO₂, olie). “Like dissolves like”: polaire stoffen lossen op in polaire oplosmiddelen (water); apolaire stoffen in apolaire oplosmiddelen (hexaan, olie).

Werkwijze

Deel A – Molecuulmodellen bouwen

  1. Bouw met de modeldoos: H₂O (hoekig), CO₂ (lineair), NH₃ (piramidevormig), CH₂ (tetraedrisch).
  2. Teken de Lewis-structuur (electronenpuntenstructuur) van elk molecuul.
  3. Noteer: welke zijn polair en welke apolair? Verklaar.

Deel B – Oplosbaarheidstest

  1. Voeg olie toe aan water: mengt het? Voeg ethanol toe aan water: mengt het?
  2. Verklaar via polariteit.

Molecuultabel

MolecuulFormuleGeometriePolair/apolairOplost in water?
WaterH₂OHoekig  
KoolstofdioxideCO₂Lineair  
AmmoniakNH₃Piramidevormig  
MethaanCH₂Tetraedrisch  

Verwerkingsvragen

  1. Teken de Lewis-structuur van NH₃ (ammoniak). Geef aan waar de bindende en de vrije elektronenparen zitten.
  2. Verklaar waarom CO₂ apolair is, ook al zijn de C=O-bindingen zelf polair.
  3. Een vlek van zonnebrandcrème (apolair) zit op een T-shirt. Verklaar welk oplosmiddel beter werkt: water of aceton (apolair)?

Uitwerking

V1: Lewis-structuur NH₃: N heeft 5 valentie-elektronen; 3 H-atomen elk 1 valentie-elektron. N deelt 1 e⁻ met elke H → 3 bindende paren (N–H bindingen). N houdt 1 vrij elektronenpaar over (lone pair) → piramidaal molecuul. Structuur: H–N–H met H eronder en het vrije paar bovenop (zie Lewis-model).

V2: Elke C=O-binding is inderdaad polair (O is elektronegatief → trekt e⁻ naar zich toe). Maar CO₂ is lineair (O=C=O). De twee dipool-momenten van de C=O-bindingen zijn even groot en tegengesteld gericht → ze heffen elkaar op → netto dipool-moment = 0 → CO₂ is apolair.

V3: Zonnebrandcrème is apolair (oliebasis). Op basis van “like dissolves like” lost een apolair stof het best op in een apolair oplosmiddel. Aceton (apolair) lost de vettige crème op. Water (polair) werkt slecht voor apolaire vlekken.

Benodigde laboratoriumapparatuur van Labvakhandel

Labvakhandel levert molecuulbouwdozen, Lewis-structuurwerkbladen en BINAS-kaarten voor molecuulmodel-praktika in het voortgezet scheikunde-onderwijs.

Bekijk het assortiment scheikunde artikelen Bekijk het assortiment natuurkunde artikelen of neem contact op voor advies.

Meer practicumopdrachten

Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.