In dit practicum voor klas 2 vwo onderzoek je de biodiversiteit van bodemdieren. Met behulp van een Tullgren-trechter isoleer je kleine arthropoden uit grondmonsters en determineer je ze tot op klasseniveau. Je berekent een eenvoudige diversiteitsindex.
Na dit practicum kun je biodiversiteit beschrijven als het aantal soorten plus hun relatieve abundantie, een Tullgren-trechter gebruiken om bodemdieren te verzamelen, bodemdieren determineren tot klasse/orde, en een eenvoudige diversiteitsindex berekenen en interpreteren.
Niveau: VWO klas 2 | Vak: Biologie | Onderwerp: Ecosysteem, biodiversiteit, bodemdieren, determinatie, ecologie
De Tullgren-trechter trekt bodemdieren weg van warmte en licht (positief thigmotaxis, negatief fototaxis). Een lamp boven de grond drijft dieren door de trechter in een opvangbeker met 70% alcohol. Biodiversiteit = soortenrijkdom + gelijkmatigheid verdeling. Een eenvoudige index: D = (N(N-1)) / Σ(nᵢ(nᵢ-1)), waarbij N = totaal aantal individuen en nᵢ = aantal individuen per soort (Simpsonindex).
D = N(N-1) / Σnᵢ(nᵢ-1) = (100 × 99) / 3058 = 9900 / 3058 = 3,24.
V2: Een hogere D-waarde duidt op meer biodiversiteit. Bosgrond heeft doorgaans een hogere D dan gazon, omdat bosgrond meer structuur, organisch materiaal en ecologische niëches biedt.
V3: pH van de bodem (zuurgraad beïnvloedt soortsamenstelling) en bodemvochtigheid (droge grond heeft andere fauna dan vochtige grond).
Labvakhandel levert Tullgren-trechters, petrischalen, loupes en pincetten voor bodemonderzoek en biodiversiteitsexperimenten in het voortgezet onderwijs.
Bekijk het assortiment voor biologie of neem contact op voor advies.
Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.
Inloggen
Wachtwoord vergeten
Account aanmaken
Uw winkelwagen is leeg.