Practicum: Dissectie van een vis – orgaanstelsels – Biologie Klas 3 VWO

In dit practicum voor klas 3 vwo dissecteer je een vis (baars of karper) en bestudeer je de inwendige organen in situ. Je koppelt elk orgaan aan een orgaanstelsel en vergelijkt de bouw van vissen met die van zoogdieren.

Leerdoel

Na dit practicum kun je de inwendige organen van een vis herkennen en benoemen, elk orgaan koppelen aan zijn orgaanstelsel en functie, en de aanpassingen van visorganen aan het aquatisch leven beschrijven (kieuwen, zwemblaas).

Cursusniveau en vakgebied

Niveau: VWO klas 3 | Vak: Biologie | Domein: Zelfregulatie (O-niveau) – organen, stofwisseling organisme

Benodigdheden

Achtergrondinformatie

Een vis heeft dezelfde basisorgaanstelsels als een zoogdier, maar met aanpassingen voor het leven in water: kieuwen (gasuitwisseling met water via bloedrijke lamellen), een zwemblaas (hydrostatisch orgaan voor diepteregulatie) en een zijlijn (zintuig voor drukveranderingen in water). Het hart heeft slechts twee kamers (één boezem + één kamer).

Werkwijze

  1. Leg de vis met de buik omhoog. Maak met de schaar een incisie langs de buiklijn van anaalvin tot kop. Snij voorzichtig — niet te diep (organen niet beschadigen).
  2. Klap de buikwand open en speld vast op de dissectieschaal.
  3. Identificeer en teken elk orgaan in situ: lever, galblaas, maag, darm, zwemblaas, gonaden, nier, hart.
  4. Verwijder de kieuwdeksel. Bestudeer de kieuwbogen en —lamellen.
  5. Vul het orgaantekeningschema in met naam, orgaanstelsel en functie.

Orgaanoverzicht

OrgaanOrgaanstelselFunctie
Kieuwen  
Hart  
Lever  
Zwemblaas  
Nier  

Verwerkingsvragen

  1. Hoe verschilt het hart van een vis van dat van een zoogdier?
  2. Welke functie heeft de zwemblaas? Hoe regelt de vis zijn drijfvermogen?
  3. Via welke structuur vindt gasuitwisseling bij vissen plaats? Beschrijf het tegenstroomprincipe.

Uitwerking

OrgaanOrgaanstelselFunctie
KieuwenGasuitwisselingO₂-opname, CO₂-afgifte aan water
Hart (2-kamers)CirculatieBloed rondpompen (enkelvoudige circulatie)
LeverSpijsvertering / stofwisselingGalproductie, ontgifting, glycogeenopslag
ZwemblaasHydrostatisch orgaanDiepteregulatie (gas in/uit → dichtheid aanpassen)
NierExcretieAfvalstoffenfiltering, osmoregulatie

V1: Vishart: 2 kamers (1 boezem + 1 kamer) → enkelvoudige circulatie; zuurstofarm bloed gaat direct naar kieuwen. Zoogdierhart: 4 kamers → dubbele circulatie; hogere druk; warm bloed.

V2: De zwemblaas is een gasvulde holte. Door gas in te pompen (via de gasklier) daalt de dichtheid van de vis → drijft omhoog. Gas afvoeren → dichtheid stijgt → zinkt. Zo bereikt de vis neutraliteitsuitdrijving op gewenste diepte.

V3: Gasuitwisseling via kieuwlamellen. Tegenstroomprincipe: bloed stroomt in omgekeerde richting t.o.v. het water over de lamellen. Hierdoor is altijd een concentratieverschil voor O₂ — maximale efficiëntie van O₂-opname (tot 80%).

Benodigde laboratoriumapparatuur van Labvakhandel

Labvakhandel levert dissectieschalen, dissectiespelden, scharen, scalpels en handschoenen voor dierkundige dissectiepractika in het voortgezet biologieonderwijs.

Bekijk het assortiment voor biologie of neem contact op voor advies.

Meer practicumopdrachten

Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.