In dit practicum voor klas 3 vwo simuleer je prooi-predator-interacties met een kaartjesmodel en analyseer je de oscillaties in populatieomvang over de tijd. Je koppelt dit aan het Lotka-Volterra-model en begrenzende factoren.
Na dit practicum kun je populatieoscillaties bij prooi en predator beschrijven en verklaren, de begrippen draagkracht, geboorte- en sterftecijfer toepassen, en de invloed van de predator op de prooipopulatie grafisch weergeven.
Niveau: VWO klas 3 | Vak: Biologie | Domein: Interactie (P-niveau) – populaties, ecosystemen, voedselrelaties
In ecosystemen oscilleren prooi- en predatorpopulaties. Als de prooipopulatie stijgt, groeit de predatorpopulatie (meer voedsel). Door meer predatie daalt de prooipopulatie, waarna ook de predatorpopulatie daalt (voedseltekort). Dit zijn gekoppelde oscillaties (Lotka-Volterra). Begrenzende factoren (draagkracht) bepalen de maximale populatieomvang.
De prooi-populatie stijgt eerst → predatorpopulatie volgt met vertraging → prooi daalt door predatiedruk → predator daalt door voedseltekort → cyclus herhaalt. De predatorcurve loopt ≈¼ periode achter op de prooicurve (faseverschuiving).
V1: De prooicurve loopt voor op de predatorcurve. Als prooiaantallen stijgen, neemt de predatorgroei toe (na vertraging). Als prooi daalt, daalt predator met vertraging.
V2: Als de predator zijn maximum bereikt, is de predatiedruk het grootst. De prooipopulatie daalt snel. Dit leidt uiteindelijk tot een daling van de predatorpopulatie.
V3: Voedselaanbod (vegetatie als voedselbron voor prooien), ziekte/parasieten, klimaatomstandigheden (droogte, strenge winter) of concurrentie met andere soorten.
Labvakhandel levert simulatiekaarten en ecologie-bepakkingspakketten voor populatiedynamica-modellen in het biologieonderwijs.
Bekijk het assortiment voor biologie of neem contact op voor advies.
Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.
Inloggen
Wachtwoord vergeten
Account aanmaken
Uw winkelwagen is leeg.