Practicum: Energie en wisselwerking – massa-veersysteem – Klas 4 VWO

In dit practicum voor 4 vwo onderzoek je de energieomzetting in een trillend massa-veersysteem. Je meet zowel de kinetische energie (Ek = ½mv²) als de veerenergie (Ev = ½Cu²) en toetst de wet van behoud van mechanische energie.

Leerdoel

Na dit practicum kun je Ek, Ev en Ez berekenen bij een trillend massa-veersysteem, de wet van behoud van energie toepassen en verklaren waarom het rendement in de praktijk kleiner is dan 100%.

Cursusniveau en vakgebied

Niveau: VWO klas 4 | Vak: Natuurkunde | Domein: C2 Energie en wisselwerking | Wet van Hooke, kinetische en potentiële energie, energiebehoud

Benodigdheden

  • Veer met bekende veerconstante C (bijv. 20 N/m – zelf bepaald via vorig practicum)
  • Massa van 200 g (hanggewicht)
  • Statief met klem
  • Ultrasone bewegingssensor (meet positie en snelheid als functie van de tijd)
  • Datalogger of computer met meetprogramma
  • Liniaal

Achtergrondinformatie

In een massa-veersysteem wordt energie voortdurend omgezet tussen kinetische energie en veerenergie: Etotaal = Ek + Ev = ½mv² + ½Cu² = constant (bij verwaarloosbare demping). De massa trilt met periode T = 2π√(m/C). Op het doorsnijdingspunt (evenwichtsstand) is v maximaal en u = 0; op de keerpunten is v = 0 en |u| = amplitude A.

Werkwijze

  1. Hang de massa aan de veer. Wacht tot rust (evenwichtsstand). Stel de sensor op nul.
  2. Trek de massa 5 cm naar beneden (amplitude A = 0,050 m) en laat los.
  3. Meet positie u(t) en snelheid v(t) continu gedurende minstens 5 volledige trillingen.
  4. Bereken Ek = ½ × 0,200 × v² en Ev = ½ × C × u² op elk tijdstip. Teken Ek, Ev en Etotaal als functie van t.
  5. Lees de maximale snelheid vmax af. Controleer: Ek,max = ½Cvmax²? Bereken ook: vmax,theorie = A × √(C/m).

Meettabel (C = 20 N/m, m = 0,200 kg, A = 0,050 m)

Tijdstipu (m)v (m/s)Ek (J)Ev (J)Etot (J)
Keerpunt boven+0,050000,0250,025
Evenwicht (↓)0vmax 0 
Keerpunt onder−0,050000,0250,025

Verwerkingsvragen

  1. Bereken vmax,theorie voor C = 20 N/m, m = 200 g en A = 5 cm.
  2. Bereken de trillingsperiode T. Hoeveel trillingen per seconde maakt het systeem?
  3. Na 10 trillingen is Etotaal gedaald van 25 mJ naar 20 mJ. Bereken het vermogensverlies per trilling.

Uitwerking

V1: vmax = A × √(C/m) = 0,050 × √(20/0,200) = 0,050 × √100 = 0,050 × 10 = 0,50 m/s. Controle: Ek,max = ½ × 0,200 × 0,50² = 0,025 J = 25 mJ

V2: T = 2π × √(m/C) = 2π × √(0,200/20) = 2π × √0,010 = 2π × 0,1 = 0,628 s ≈ 0,63 s. f = 1/T = 1,59 Hz.

V3: Energieverlies = 25 − 20 = 5 mJ over 10 trillingen. Periode ≈ 0,63 s → 10 trillingen duren 6,3 s. Vermogensverlies = 5 × 10⁻³ / 6,3 = 7,9 × 10⁻⁴ W ≈ 0,79 mW.

Veiligheidsaanwijzingen

  • Zorg dat de massa niet te ver uittrekt om de veer blijvend te vervormen (plastische vervorming).
  • Bevestig het statief stevig; zware massa’s kunnen bij resonantie aanzienlijk uitwijken.

Benodigde laboratoriumapparatuur van Labvakhandel

Labvakhandel levert spiraalveren met gecertificeerde veerconstanten, dataloggers, ultrasone bewegingssensoren en statiefmateriaal voor trillings- en energie-experimenten in het vwo.

Bekijk het assortiment natuurkunde materiaal of neem contact op voor advies.

Meer practicumopdrachten

Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.