In dit practicum voor klas 1 vwo vergelijk je aeroëbe ademhaling en anaeroëbe gisting bij gistcellen (Saccharomyces cerevisiae). Je meet de CO₂-productie en ontdekt welke omstandigheden leiden tot aeroëbe of anaeroëbe dissimilatie.
Na dit practicum kun je het verschil uitleggen tussen aeroëbe ademhaling en anaeroëbe gisting, de reactievergelijkingen opschrijven, CO₂-productie gebruiken als maat voor de ademhalingssnelheid, en verklaren waarom gisting minder energie oplevert dan volledige ademhaling.
Niveau: VWO klas 1 | Vak: Biologie | Onderwerp: Dissimilatie, aeroëbe ademhaling, gisting, energieproductie
Aeroëbe ademhaling (met zuurstof): C₅H₁₂O₅ + 6 O₂ → 6 CO₂ + 6 H₂O + 38 ATP. Anaeroëbe gisting (zonder zuurstof, bij gist): C₅H₁₂O₅ → 2 C₂H₅OH + 2 CO₂ + 2 ATP. Bij gisting wordt ethanol en CO₂ geproduceerd. Beide processen zijn te vergelijken via de CO₂-productie. Kalkwater wordt troebel door CO₂: Ca(OH)₂ + CO₂ → CaCO₃ (wit neerslag).
V1: Aeroëbe ademhaling: C₅H₁₂O₅ + 6 O₂ → 6 CO₂ + 6 H₂O (+ 38 ATP). Anaeroëbe gisting: C₅H₁₂O₅ → 2 C₂H₅OH + 2 CO₂ (+ 2 ATP).
V2: In de praktijk produceert anaeroëbe gisting vaak sneller zichtbare CO₂ (troebelheid kalkwater), omdat gisting minder ATP per glucosemolecuul oplevert en de gistcellen dus meer glucose per tijdseenheid moeten omzetten. De aeroëbe ademhaling is echter energetisch efficiënter (meer ATP per glucose).
V3: Bij gisting wordt glucose slechts gedeeltelijk afgebroken — ethanol bevat nog veel chemische energie die niet vrijkomt. Bij aeroëbe ademhaling wordt glucose volledig geoxideerd tot CO₂ en H₂O, waarbij alle beschikbare energie vrijkomt en benut wordt voor ATP-productie.
Bekijk het assortiment voor biologie of neem contact op voor advies.
Ontdek alle practica in de Labvakhandel kennisbank — voor biologie, scheikunde en natuurkunde.
Inloggen
Wachtwoord vergeten
Account aanmaken
Uw winkelwagen is leeg.