GLP en labverbruiksartikelen

In GLP-plichtige laboratoria zijn niet alleen de meetresultaten onderwerp van borging, maar ook de materialen waarmee gemeten wordt. Verbruiksartikelen — van pipetpunten en reageerbuizen tot reagentia en standaardoplossingen — moeten traceerbaar zijn en voldoen aan kwaliteitseisen die aansluiten bij de studie-eisen.

Certificate of Analysis (CoA)

Een Certificate of Analysis (CoA) is een document dat door de fabrikant of leverancier wordt verstrekt en de kwaliteitsspecificaties van een product per productiepartij (lot) beschrijft. Voor GLP-laboratoria is de CoA een belangrijk bewijsdocument: het toont aan dat een gebruikte stof of materiaal voldeed aan de vereiste specificaties op het moment van gebruik.

Een GLP-relevante CoA bevat minimaal:

  • Productnaam en catalogusnummer
  • Lotnummer en productiedatum
  • Zuiverheid of concentratie (met analysemethode)
  • Vervaldatum of uiterste gebruiksdatum
  • Handtekening of goedkeuring van de QC-afdeling van de fabrikant

Wat is het verschil tussen een CoA en een CoC?

Naast de Certificate of Analysis (CoA) wordt in de laboratoriumpraktijk ook de term Certificate of Conformance of Certificate of Conformity (CoC) gebruikt. Het onderscheid is relevant voor GLP-inkoop. Een CoA bevat de daadwerkelijk gemeten analyseresultaten van het specifieke lot: de gemeten zuiverheid, de gemeten concentratie, de uitgevoerde tests met bijbehorende waarden en meetmethoden. Een CoC verklaard uitsluitend dat het product voldoet aan de geldende specificaties, zonder de onderliggende meetwaarden te vermelden. Voor GLP-toepassingen waarbij analytische traceerbaarheid vereist is — zoals bij referentiematerialen, kritische reagentia of standaardoplossingen — is een CoA doorgaans vereist. Een CoC alleen is in die gevallen onvoldoende als auditdocument.

Lottraceerbaarheid

GLP vereist dat het mogelijk is om achteraf te reconstrueren welk lot van een materiaal is gebruikt in welke studie, op welke datum, door wie. Dit stelt eisen aan de registratie bij inkomst en gebruik van materialen:

  • Ontvangstregistratie: datum, leverancier, lotnummer, hoeveelheid
  • Opslagcondities: temperatuur, licht, vochtigheid conform fabrieksvoorschrift
  • Gebruiksregistratie: koppeling van lotnummer aan studieplan of raw data
  • Verwijdering: datum en reden van afvoer (vervallen, verbruikt, afgekeurd)

De principes van lottraceerbaarheid vallen binnen het bredere kader van sample management: de gestructureerde beheersing van monsters gedurende de volledige levenscyclus van ontvangst tot archivering.

Eisen aan verbruiksartikelen

Niet elk verbruiksartikel vereist dezelfde documentatielast. De vuistregel is: hoe groter de invloed op de testuitkomst, hoe strenger de eisen. Voor kritische materialen zoals reagentia, standaardoplossingen en membraanfilters voor HPLC gelden strengere eisen dan voor inert verbruiksmateriaal.

Type verbruiksartikel Voorbeelden GLP-vereisten
Kritisch — direct contact met testitems of testoplossingen, of directe invloed op de meetuitkomst Pipetpunten (met name low-binding voor biologische monsters), reactiebuisjes, celkweekplastics, membraanfilters voor HPLC/GC, injectieflacons, standaard- en referentieoplossingen Lot-specifieke CoA verplicht; lotnummer koppelen aan studie; inkomstcontrole documenteren; opslagcondities registreren; contaminatievrij certificaat indien vereist door studieopzet
Niet-kritisch — geen direct contact met het testmonster en geen directe invloed op de meetuitkomst Laboratoriumlabels, reinigingsdoekjes, disposable handschoenen, afvalzakken, laboratoriumjassen voor eenmalig gebruik Algemene kwaliteitscontrole voldoet; lotnummer-registratie aanbevolen maar niet verplicht; het onderscheid ten opzichte van kritische artikelen moet in een SOP zijn vastgelegd

Welke verbruiksartikelen zijn kritisch in GLP?

Kritische verbruiksartikelen zijn materialen die direct in contact komen met het testitems of de testoplossingen, of waarvan de kwaliteit de meetuitkomst direct beïnvloedt. Voorbeelden zijn reagentia en buffers, standaard- en referentieoplossingen, membraanfilters en injectieflacons voor HPLC/GC, celkweekplastics voor in-vitrostudies, en pipetpunten met lage binding voor biologische monsters. Voor deze categorie zijn een lot-specifieke CoA, een inkomstcontrole en een gebruiksregistratie verplicht. Niet-kritische verbruiksartikelen — zoals laboratoriumlabels, reinigingsdoekjes of afvalzakken — vallen buiten deze verplichting, maar het onderscheid moet in een SOP zijn vastgelegd en regelmatig worden herzien wanneer de studieopzet wijzigt.

Wanneer is een contaminatievrij certificaat vereist?

Voor kritische verbruiksartikelen die direct in contact komen met biologische testmonsters — zoals pipetpunten, reactiebuisjes, celkweekplastics en membraanfilters — is een CoA alleen onvoldoende als het testmonster gevoelig is voor specifieke contaminanten. In dat geval is een aanvullend contaminatievrij certificaat (of een CoA met expliciete contamination-testing) vereist. De meest relevante parameters:

  • DNase- en RNase-vrij — verplicht voor moleculair-biologische toepassingen waarbij nucleïnezuren worden gedetecteerd of verwerkt; enzymatische afbraak door nucleasen kan een studie ongeldig maken
  • Pyrogeen- en endotoxinevrij — vereist voor in-vitrostudies met cel- en weefselkweken waarbij ontsteking de testuitkomst beïnvloedt; de limiet wordt doorgaans uitgedrukt in EU/ml conform de LAL-test of de recombinant Factor C-methode
  • Metaalspoorvrijheid — relevant voor ecotoxicologische studies en trace-elementanalyse; zelfs sporen zink, koper of lood kunnen lage-concentratiemetingen verstoren
  • Plasticizer- en extractablenvrij — van belang voor farmacokinetieks- en metabolismestudies; migrerende additieven uit plastics (zoals ftalaten) kunnen de chromatografische analyse verstoren of de biologische activiteit beïnvloeden

Het type contaminatiecertificaat dat vereist is, volgt uit de studieopzet en moet worden vastgelegd in het studieplan of de relevante SOP voor materiaalkwalificatie. Bij twijfel over de specificaties stemt u dit af met de Study Director en de QA-functionaris voordat het materiaal wordt ingekocht. Meer over steriel versus niet-steriel labmateriaal en de bijbehorende traceerbaarheidseisen leest u in het gelijknamige kennisbankartikel.

Relevante vragen bij inkoop van verbruiksartikelen voor GLP:

  • Kan de leverancier een lot-specifieke CoA leveren?
  • Is het product vrij van stoffen die interferentie kunnen veroorzaken (bijv. metaalsporen, plasticizers)?
  • Zijn de opslagcondities en houdbaarheidstermijnen duidelijk gedocumenteerd?
  • Heeft de leverancier een kwaliteitssysteem (bijv. ISO 9001) dat traceerbaarheid borgt?
  • Wordt de stof eenduidig geïdentificeerd via CAS-nummer en IUPAC-naam — en niet alleen via een handelsnaam of triviale benaming?

Hoe ga ik om met de houdbaarheidsdatum van reagentia in GLP?

Het gebruik van verlopen reagentia is een veelvoorkomende GLP-bevinding. De houdbaarheidsdatum (of uiterste gebruiksdatum) vermeld op de verpakking of CoA geldt als bindend: na die datum mag het materiaal niet meer worden ingezet in GLP-studies, tenzij een herkalibratie of herbeoordeling is uitgevoerd en gedocumenteerd waaruit blijkt dat het materiaal nog steeds aan de specificaties voldoet. In dat geval wordt een verlengde gebruikstermijn vastgelegd in een intern document dat als amendement op het materiaalregister fungeert. Het is raadzaam om in de SOP voor materiaalregistratie een waarschuwingsprocedure op te nemen voor naderende vervaldatums, zodat tijdig een nieuw lot kan worden aangeschaft en gekwalificeerd.

Het laatste punt verdient bijzondere aandacht: stoffen die in oudere SOP's of leveranciersdocumentatie onder hun triviale naam worden vermeld (bijvoorbeeld "Titriplex III" voor EDTA-dinatriumzout, "Mohr's zout" voor ammoniumijzer(II)sulfaat of "Glauberzout" voor natriumsulfaat-decahydraat) kunnen bij internationale audits of grensoverschrijdende studies tot verwarring leiden. Een vaste verwijzing naar het CAS-nummer is daarom standaardpraktijk. De triviale namen zoeker biedt een doorzoekbare database van bijna 600 chemicaliën met IUPAC-namen, CAS-nummers, molecuulformules en alternatieve benamingen in het Nederlands en Engels — nuttig bij het opstellen of reviewen van inkoopdocumentatie, SOP's en CoA-verificaties.

Inkomstcontrole

GLP-plichtige faciliteiten voeren doorgaans een inkomstcontrole uit op kritische materialen: een beperkte steekproef of visuele inspectie om te bevestigen dat het geleverde product overeenkomt met de bestelling en de CoA. De uitkomst wordt vastgelegd in een inkomstregister.

Wat controleert een inspecteur bij verbruiksartikelen?

Bij een GLP-inspectie door de NVWA (of de IGJ voor geneesmiddelenlabs) vormen verbruiksartikelen een vast onderdeel van de faciliteitsaudit. Inspecteurs beoordelen de volledigheid en consistentie van de documentatie, niet alleen de materialen zelf. De controle richt zich op vier aandachtsgebieden:

  • SOP's voor inkoop en ontvangst — is er een vastgestelde procedure die beschrijft hoe kritische materialen worden geselecteerd, besteld, ontvangen en vrijgegeven? Is de SOP actueel en aantoonbaar gevolgd?
  • Inkomstregisters en CoA-archief — zijn de ontvangstdatum, het lotnummer en de CoA aantoonbaar vastgelegd voor elk kritisch materiaal dat in GLP-studies is ingezet? Zijn de CoA's lot-specifiek en niet generiek?
  • Koppeling aan studies — kan per studie worden aangetoond welke lot(en) zijn gebruikt, wanneer en door wie? Een lotnummer in het inkomstregister zonder koppeling aan een studiedossier is onvoldoende.
  • Beheer van verlopen en afgekeurde materialen — zijn verlopen of niet-vrijgegeven artikelen fysiek of administratief gescheiden van de goedgekeurde voorraad? Is de procedure voor afvoer gedocumenteerd?

Een veelvoorkomende bevinding is het ontbreken van een lot-specifieke CoA voor kritische materialen, of het gebruik van een generieke CoA die niet herleidbaar is tot het daadwerkelijk gebruikte productiepartij. Een tweede frequente bevinding is het gebruik van verlopen reagentia zonder gedocumenteerde herbeoordeling. Beide bevindingen worden bij een NVWA-inspectie geclassificeerd als ernstig wanneer ze betrekking hebben op studies waarvan de data zijn ingediend bij een regulatoire autoriteit.

Labvakhandel levert traceerbare verbruiksartikelen zoals pipetpunten, vials en reageerbuizen met lotdocumentatie.

Geschreven door Labvakhandel, specialist in laboratoriumbenodigdheden voor bedrijven en instellingen.


Disclaimer: De informatie in dit artikel is bedoeld als algemene technische en regulatoire toelichting. Canidae Seal B.V. / Labvakhandel.nl aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de toepassing van deze informatie in specifieke situaties. Raadpleeg voor uw eigen toepassing altijd de geldende wet- en regelgeving, de relevante normen en de uitvoerende autoriteiten of toezichthouders (zoals ECHA, Nederlandse Arbeidsinspectie, ILT of de bevoegde accreditatie-instantie).

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.