PGS-15 en de opslag van gevaarlijke stoffen: regels, eisen en opslagmiddelen

Gevaarlijke stoffen veilig opslaan is in elk laboratorium, elke werkplaats en elk bedrijf een wettelijke verplichting. De Nederlandse PGS-richtlijnen — en specifiek PGS-15 — geven aan welke eisen gelden voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen, van kleine hoeveelheden in een opslagkast tot grote voorraden in een opslaglocatie. Op deze pagina leggen we uit wat PGS-15 inhoudt, welke categorieën gevaarlijke stoffen worden onderscheiden, welke opslagmiddelen er zijn — van lekbakken en jerrycans tot IBC's en gasflessen — en wanneer een audit verplicht is.

Wat is PGS-15?

PGS staat voor Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen. Het is een reeks Nederlandse richtlijnen die door de overheid, het bedrijfsleven en de brandweer gezamenlijk zijn opgesteld om de veilige opslag en het gebruik van gevaarlijke stoffen te reguleren. PGS-richtlijnen worden gebruikt als toetsingskader bij vergunningverlening en handhaving op basis van het Activiteitenbesluit milieubeheer en de Omgevingswet.

PGS-15 specifiek gaat over de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen — dat wil zeggen stoffen die zijn opgeslagen in hun originele of gecertificeerde verpakking, zoals vaten, jerrycans, IBC's, gasflessen en kleine flacons. PGS-15 is van toepassing op bedrijven die meer dan bepaalde drempelwaarden aan gevaarlijke stoffen opslaan en geldt voor uiteenlopende branches: laboratoria, industriële bedrijven, groothandels en opslag- en distributiebedrijven.

Wat betekent PGS?

PGS staat voor Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen. De reeks bestaat uit meerdere delen, elk gericht op een specifiek type gevaarlijke stof of opslagsituatie. Bekende PGS-richtlijnen naast PGS-15 zijn PGS-29 (bovengrondse opslag van brandbare vloeistoffen in verticale cilindrische tanks), PGS-37 (opslag van gasflessen) en PGS-12 (chloor). PGS-15 is de meest breed toepasbare richtlijn en geldt voor vrijwel alle bedrijven die verpakte gevaarlijke stoffen opslaan boven de drempelwaarden.

Wat zijn de 3 categorieën gevaarlijke stoffen?

In het kader van PGS-15 worden gevaarlijke stoffen ingedeeld op basis van hun gevaarseigenschappen conform de CLP-verordening (GHS). De drie hoofdcategorieën zijn:

  • Brandbare stoffen — vloeistoffen, vaste stoffen en gassen die kunnen ontbranden. Voorbeelden: ethanol, aceton, methanol, brandbare aerosolen. Deze stoffen stellen bijzondere eisen aan ventilatie, blusinstallaties en de afstand tot ontstekingsbronnen.
  • Toxische en milieugevaarlijke stoffen — stoffen die schadelijk zijn voor mensen of het milieu bij inademing, huidcontact of inslikken. Voorbeelden: geconcentreerde zuren, basen, oplosmiddelen, bestrijdingsmiddelen. Vereisen afgesloten opslag en adequate PBM bij hantering.
  • Oxiderende stoffen — stoffen die de verbranding van andere materialen bevorderen. Voorbeelden: waterstofperoxide, natriumhypochloriet (bleekwater), salpeterzuur. Mogen in principe niet samen worden opgeslagen met brandbare stoffen vanwege het risico op heftige reacties.

In de praktijk hanteert PGS-15 een meer gedetailleerde indeling op basis van de gevarenklassen uit de ADR (transport van gevaarlijke goederen over de weg), waarbij stoffen worden ingedeeld in klassen 2 t/m 9. Voor de dagelijkse labpraktijk zijn de bovenstaande drie hoofdcategorieën de meest relevante.

Wat is de drempelwaarde voor het opslaan van gevaarlijke stoffen in PGS-15?

PGS-15 is van toepassing zodra de totale opgeslagen hoeveelheid gevaarlijke stoffen een bepaalde drempelwaarde overschrijdt. De drempelwaarden zijn afhankelijk van de gevarenklasse en het type stof. Als globale richtlijn geldt:

  • Voor brandbare vloeistoffen (vlampunt < 60 °C): drempelwaarde vanaf 10 liter voor inpandige opslag in een niet-brandvrije ruimte.
  • Voor zeer giftige en giftige stoffen: drempelwaarden beginnen bij kleine hoeveelheden; raadpleeg altijd de actuele PGS-15 publicatie en uw omgevingsdienst voor de exacte grenswaarden voor uw specifieke situatie.
  • Bedrijven die minder dan de drempelwaarden opslaan zijn PGS-vrij: ze hoeven niet aan de volledige PGS-15 eisen te voldoen, maar blijven wel gebonden aan de algemene zorgplicht van de Omgevingswet.

Wat is werkvoorraad PGS-15?

PGS-15 maakt onderscheid tussen de werkvoorraad en de totale opgeslagen hoeveelheid. De werkvoorraad is de hoeveelheid gevaarlijke stof die direct op de werkplek aanwezig is voor dagelijks gebruik — denk aan een fles oplosmiddel naast een zuurkast of een klein vat zoutzuur bij een reinigingsstation. Voor de werkvoorraad gelden soepelere eisen dan voor de opslag in een officiële opslaglocatie, mits de hoeveelheid beperkt blijft tot wat strikt noodzakelijk is voor de lopende werkzaamheden. De exacte maximale werkvoorraadhoeveelheden zijn per stofklasse vastgelegd in PGS-15.

Wat is PGS-vrij?

Een bedrijf of locatie is PGS-vrij wanneer de totale opgeslagen hoeveelheid gevaarlijke stoffen onder de drempelwaarden van PGS-15 blijft. PGS-vrij betekent niet dat er geen regels gelden: de algemene zorgplicht, de CLP-etiketteringsplicht en de REACH-verordening blijven van toepassing. Bovendien is het verstandig om ook bij kleine hoeveelheden te werken met lekbakken, afsluitbare opslagkasten en adequate persoonlijke beschermingsmiddelen.

Wat zijn PGS-richtlijnen?

De Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen bestaat uit meerdere afzonderlijke richtlijnen, elk gericht op een specifieke opslagsituatie of stofcategorie. Ze worden regelmatig herzien door de PGS-programmaraad, waarin overheid, bedrijfsleven en brandweer samenwerken. De richtlijnen worden gepubliceerd op de website van het PGS-programma en vormen de basis voor milieuvergunningen en de Activiteitenbesluit-toetsing door omgevingsdiensten.

Is PGS verplicht?

PGS-richtlijnen zijn niet direct wettelijk verplicht, maar ze worden wel gebruikt als erkende beoordelingsmaatstaf door bevoegde gezagen (omgevingsdiensten, gemeenten). In de praktijk geldt: als een bedrijf boven de drempelwaarden opslaat en een omgevingsvergunning nodig heeft, zal de vergunning PGS-15 als toetsingskader hanteren. Voldoe je aan PGS-15, dan wordt aangenomen dat je aan de wettelijke eisen voldoet. Wijk je af, dan moet je aantonen dat je alternatieve maatregelen even veilig zijn.

Wat zijn de 4 stadia van PGS?

Een PGS-richtlijn doorloopt vier ontwikkelingsstadia voordat ze definitief wordt:

  • Stadium 1 — Concept voor commentaar: de conceptversie wordt openbaar gemaakt voor inspraak door bedrijfsleven en andere belanghebbenden.
  • Stadium 2 — Definitief concept: de verwerkte versie na commentaar, nog niet formeel vastgesteld.
  • Stadium 3 — Vastgesteld: de richtlijn is formeel goedgekeurd door de PGS-programmaraad en van kracht.
  • Stadium 4 — Herzien of ingetrokken: een richtlijn wordt periodiek geactualiseerd of ingetrokken als de wetgeving of inzichten veranderen.

Welke gevaarlijke stoffen mogen niet bij elkaar worden opgeslagen?

Scheidingseisen zijn een kernonderdeel van PGS-15. De volgende combinaties zijn in principe niet toegestaan in dezelfde opslagruimte of hetzelfde vak:

  • Oxiderende stoffen en brandbare stoffen — de combinatie vergroot het brand- en explosierisico dramatisch. Brandbare vloeistoffen en oxidatoren moeten fysiek gescheiden worden opgeslagen, bij voorkeur in aparte brandveilige kasten.
  • Zuren en basen — reageren heftig bij contact, met warmteontwikkeling en mogelijk gevaarlijke gasvorming. Moeten gescheiden worden opgeslagen.
  • Zuren en oxidatoren — kunnen chloorgas of andere giftige gassen vrijmaken bij contact.
  • Giftige stoffen en levensmiddelen of diervoeder — in bedrijfsmatige context altijd strikt scheiden.
  • Gasflessen: brandbare en oxiderende gassen — mogen niet in dezelfde kast of ruimte worden opgeslagen; zie ook de eisen onder PGS-37.

Wat is het verschil tussen PGS 37-1 en PGS 37-2?

PGS-37 gaat specifiek over de opslag van gasflessen en is opgesplitst in twee delen. PGS 37-1 behandelt de opslag van gasflessen in gebouwen (inpandig), inclusief eisen aan ventilatie, brandcompartimentering en maximale hoeveelheden per ruimte. PGS 37-2 gaat over de buitenopslag van gasflessen, met eisen aan omheiningen, afstanden tot gebouwen en openbare wegen, en noodventilatie. Beide delen zijn van belang voor laboratoria en industriële bedrijven die werken met persgas, zuurstof, stikstof of brandbare gassen zoals acetyleen en propaan.

Wat zijn de eisen voor opslag van gevaarlijke stoffen?

De concrete opslagseisen uit PGS-15 zijn gericht op het voorkomen van brand, explosie, milieuverontreiniging en gezondheidsschade. Ze gelden voor de opslagruimte zelf, de verpakkingen, de inrichting en de organisatorische maatregelen.

Wat zijn de 4 regels voor het bewaren van chemicaliën?

De vier basisregels voor veilige chemicaliënopslag zijn:

  1. Scheid onverenigbare stoffen — bewaar zuren, basen, oxidatoren en brandbare stoffen altijd in aparte ruimten of gecertificeerde opslagkasten. Gebruik kleurgecodeerde kasten of duidelijke labels om verwisseling te voorkomen.
  2. Gebruik goedgekeurde verpakkingen — bewaar chemicaliën altijd in de originele, gesloten verpakking of in een UN-gecertificeerde vervangende verpakking. Gebruik nooit lege drinkflessen of andere niet-gecertificeerde recipiënten.
  3. Zorg voor adequate ventilatie — opslagruimten voor vluchtige of giftige stoffen moeten voldoende geventileerd zijn om dampen af te voeren. Bij ATEX-classificatie gelden aanvullende eisen aan de elektrische installatie.
  4. Beperk de hoeveelheid tot het noodzakelijke — bewaar niet meer dan de werkvoorraad buiten de officiële opslaglocatie. Grotere hoeveelheden horen in een gecertificeerde opslagkast of opslagruimte die voldoet aan PGS-15.

Hoeveel liter gevaarlijke stoffen mag ik opslaan?

De maximale hoeveelheden zijn afhankelijk van de stofklasse, de opslaglocatie en de aanwezigheid van brandveiligheidsvoorzieningen. Als globale richtlijn voor laboratoria:

  • Werkplek (werkvoorraad): maximaal 25 liter brandbare vloeistoffen per brandcompartiment buiten een gecertificeerde opslagkast, mits de ruimte goed geventileerd is en er geen ontstekingsbronnen aanwezig zijn.
  • Gecertificeerde brandveilige opslagkast: afhankelijk van de kasttypes; kleine kasten bieden opslag voor 30–60 liter, grotere modellen voor 200–500 liter.
  • Opslaglocatie conform PGS-15: hoeveelheden boven de werkvoorraadhoeveelheden vereisen een volledig PGS-15-conforme opslagruimte met brandcompartimentering, blusinstallatie en lekopvang.

Raadpleeg altijd uw omgevingsdienst of de actuele PGS-15-publicatie voor de exacte drempelwaarden voor uw specifieke stoffen en situatie.

Lekbakken: wanneer verplicht en welke typen zijn er?

Een lekbak is verplicht bij de opslag van vloeistoffen die bij lekkage schade kunnen veroorzaken aan het milieu of een brandhaard kunnen vormen. De lekbak vangt gemorste vloeistof op en voorkomt verspreiding naar riool, bodem of andere opslagzones. De basisregel: de lekbak moet minimaal 10% van de totale opgeslagen vloeistofhoeveelheid kunnen opvangen, of het volume van de grootste individuele verpakking — afhankelijk van welke groter is.

Lekbakken zijn er in diverse uitvoeringen:

  • Polyethyleen (PE) lekbakken — lichtgewicht, chemisch bestendig tegen de meeste zuren, basen en oplosmiddelen. Standaardkeuze voor laboratoriumopslag en kleinschalige chemicaliënopslag.
  • RVS lekbakken — duurzamer en geschikt voor hogere temperaturen; minder bestendig tegen geconcentreerde zuren. Gangbaar in industriële toepassingen.
  • Lekbakken met rooster — houden verpakkingen boven het gelekte niveau, waardoor contact met de gelekte vloeistof wordt vermeden.
  • Rijdende lekbakken — voor zwaarder materiaal of flexibele opslagindeling.
  • Lekbak voor IBC's — grote lekbakken van staal of PE met een opvangcapaciteit van 1.000 liter of meer, afgestemd op de standaard IBC-maat van 1.000 liter.

Wat zijn opslagkasten voor gevaarlijke stoffen?

Gecertificeerde opslagkasten bieden een brandveilige en van de omgeving afgeschermde opslagoplossing voor gevaarlijke stoffen. Ze zijn verkrijgbaar in verschillende uitvoeringen op basis van de te bewaren stofcategorie:

  • Brandstofkasten (geel) — voor brandbare vloeistoffen; voldoen aan EN 14470-1 voor 90 minuten branddoorslag, voorzien van zelfsluitende deuren, ingebouwde lekbak en aardingsaansluiting.
  • Zuurkasten / corrosiefkasten (blauw of grijs) — voor zuren, basen en corrosieve stoffen; vervaardigd van zuurbestendig PE of gecoat staal.
  • Gifstofkasten — voor toxische en zeer toxische stoffen; voorzien van slot en soms gasdetectie.
  • Gekoelde opslagkasten — voor temperatuurgevoelige of extra vluchtige stoffen; explosieveilige uitvoering (ATEX) is vereist als de inhoud brandbare dampen kan vormen.

IBC's: opslag van grote hoeveelheden

Een IBC (Intermediate Bulk Container) is een herbruikbare industriële verpakking voor vloeistoffen, poeders en granulaten in hoeveelheden van 500 tot 3.000 liter. De meest gebruikte uitvoering is de kunststof binnencontainer (HDPE) in een stalen framekooi op een pallet — de zogenoemde composiet IBC of GRV (grote rechthoekige verpakking). IBC's zijn UN-gecertificeerd voor transport en opslag van gevaarlijke stoffen en beschikken over een aftapkraan aan de onderzijde.

Wanneer gebruik je een IBC?

IBC's worden ingezet wanneer de hoeveelheid te bewaren vloeistof de capaciteit van jerrycans en vaten overstijgt, maar een vaste tank te groot of te inflexibel is. Typische toepassingen in een laboratorium- of industriële context zijn: opslag van reinigingschemicaliën, oplosmiddelen in grotere volumes, proceswater, zuren of basen voor neutralisatieprocessen, en afvalvloeistoffen voor periodieke afvoer.

Eisen aan IBC-opslag conform PGS-15

IBC's met gevaarlijke vloeistoffen moeten altijd worden geplaatst op een lekbak met voldoende opvangcapaciteit (minimaal de volledige inhoud van de IBC: 1.000 liter bij een standaard IBC). De opslaglocatie moet voorzien zijn van adequate ventilatie, vloeistofdichte vloer en toegang voor nooddiensten. IBC's mogen niet worden gestapeld tenzij de constructie daarvoor is gecertificeerd. Na gebruik moet de IBC worden gereinigd voor hergebruik of worden afgevoerd via een erkend verwerker.

Jerrycans en vaten

Voor kleinere hoeveelheden vloeistoffen zijn jerrycans en opslagvaten de meest gangbare opslagmiddelen. HDPE-jerrycans zijn verkrijgbaar van 5 tot 30 liter en zijn chemisch bestendig tegen de meeste zuren, basen en oplosmiddelen. RVS-vaten en -emmers zijn geschikt voor stoffen waarbij kunststof niet chemisch bestendig is. Alle verpakkingen voor gevaarlijke stoffen moeten voorzien zijn van een UN-keurmerk als ze worden gebruikt voor transport of opslag van stoffen boven bepaalde concentraties en hoeveelheden.

Wat zijn de eisen voor een PGS-15 gasflessenopslag?

Gasflessen stellen specifieke eisen aan opslag vanwege de combinatie van hoge druk en het brandbare, toxische of oxiderende karakter van de inhoud. De eisen zijn vastgelegd in PGS-15 (inpandige opslag) en PGS-37 (zowel inpandig als buiten).

Wat zijn de regels voor de opslag van gasflessen?

  • Gasflessen moeten altijd rechtop worden opgeslagen en vastgezet met een ketting of beugel om omvallen te voorkomen.
  • Volle en lege flessen worden gescheiden opgeslagen om verwisseling te voorkomen.
  • Brandbare gassen (acetyleen, propaan, waterstof) en oxiderende gassen (zuurstof) worden gescheiden opgeslagen — minimaal 3 meter afstand of een brandwerende scheiding van 30 minuten.
  • De opslagruimte of -kast moet geventileerd zijn om gasophoping te voorkomen. Voor zware gassen (propaan, CO₂) is ventilatie aan de onderzijde vereist; voor lichte gassen (waterstof) aan de bovenzijde.
  • In de nabijheid van gasflessen zijn open vuur, roken en ontstekingsbronnen verboden. ATEX-classificatie kan van toepassing zijn.
  • Gasflessen mogen alleen worden verplaatst met een flessenwagen; nooit rollen of slepen over de grond.
  • De vleugelmoer of beschermdop moet altijd op de flesaansluiting zitten als de fles niet in gebruik is.

Wat zijn de nieuwe regels voor F-gassen?

F-gassen (gefluoreerde broeikasgassen) zijn gassen die worden gebruikt in koelsystemen, klimaatinstallaties en als draaggas in laboratoria. De EU F-gassenverordening (EU 2024/573, van kracht per 2024) heeft de eisen voor gebruik, onderhoud en registratie van F-gassen aanzienlijk aangescherpt. Apparatuur die meer dan een bepaalde hoeveelheid F-gas bevat, moet worden geregistreerd in de Europese F-gassenportaal. Lekkagecontroles zijn verplicht voor grotere installaties. Voor laboratoria is de meest relevante maatregel dat bepaalde F-gassen gefaseerd worden verboden als koelmiddel, wat gevolgen heeft voor koelcellen en -apparatuur. Raadpleeg uw leverancier van koelinstallaties voor de specifieke eisen voor uw situatie.

Mag ik een gasfles in de garage bewaren?

Voor particulieren geldt dat kleine gasflessen voor gebruik met een barbecue of kampeerbrander thuis mogen worden bewaard, mits de fles buiten staat of in een goed geventileerde ruimte — nooit in een kelder of souterrain waar zwaar gas zich kan ophopen. Voor bedrijfsmatige opslag van gasflessen gelden altijd de PGS-15 en PGS-37 eisen, ongeacht de opslaglocatie.

Wat is een PGS-15 audit?

Een PGS-15 audit is een controle waarbij wordt beoordeeld of de opslag van gevaarlijke stoffen voldoet aan de eisen van PGS-15. Audits worden uitgevoerd door de omgevingsdienst (als onderdeel van reguliere inspectie), door een intern kwaliteitssysteem (ISO 14001, ISO 45001) of door een externe veiligheidskundige in opdracht van het bedrijf zelf.

Wat zijn de grenswaarden voor gevaarlijke stoffen?

Bij een PGS-15 audit worden de feitelijk aanwezige hoeveelheden gevaarlijke stoffen vergeleken met de drempelwaarden uit PGS-15. Overschrijding van de drempelwaarden zonder adequate opslagvoorzieningen is een overtreding van het Activiteitenbesluit en kan leiden tot handhavingsmaatregelen, dwangsommen of stillegging. De grenswaarden zijn per stofklasse gepubliceerd in de actuele PGS-15-versie en worden door de omgevingsdienst getoetst aan de vergunning of de algemene regels van het Activiteitenbesluit.

Wat wordt er tijdens een PGS-15 inspectie gecontroleerd?

Bij een inspectie op basis van PGS-15 worden doorgaans de volgende punten beoordeeld:

  • Zijn de opgeslagen hoeveelheden binnen de vergunde of meldingsplichtige drempelwaarden?
  • Zijn onverenigbare stoffen correct gescheiden opgeslagen?
  • Voldoen de opslagkasten, lekbakken en vloeren aan de gestelde eisen (vloeistofdicht, voldoende opvangcapaciteit)?
  • Is de ventilatie van opslagruimten adequaat?
  • Zijn de verpakkingen voorzien van correcte CLP-etikettering en zijn veiligheidsinformatiebladen (VIB's) beschikbaar voor alle aanwezige gevaarlijke stoffen?
  • Zijn medewerkers opgeleid in het veilig omgaan met gevaarlijke stoffen?
  • Zijn blusmiddelen, nooddouches en oogdouches aanwezig en toegankelijk?
  • Is er een registratie van de aanwezige gevaarlijke stoffen (stoffenregistratie)?

Wat is het doel van de PGS-15 opleiding?

PGS-15 schrijft voor dat medewerkers die werken met of in de nabijheid van opgeslagen gevaarlijke stoffen aantoonbaar zijn geïnstrueerd over de risico's en de veiligheidsmaatregelen. Dit hoeft geen formele gecertificeerde opleiding te zijn, maar de instructie moet gedocumenteerd zijn. Voor specifieke functies — zoals veiligheidsadviseur gevaarlijke stoffen (VCA), intern noodplan of BRZO-bedrijf — gelden aanvullende opleidingseisen.

Persoonlijke bescherming bij werken met gevaarlijke stoffen

Bij de opslag en hantering van gevaarlijke stoffen horen de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM). Welke PBM vereist zijn, staat beschreven in het veiligheidsinformatieblad van de betreffende stof (rubriek 8). In het algemeen geldt bij werk met gevaarlijke stoffen: draag altijd een veiligheidsbril of spatbril, chemisch resistente handschoenen en een labjas of beschermend overhemd. Bij vluchtige stoffen of in slecht geventileerde ruimten is adembescherming aanvullend vereist. Zorg ook altijd voor een oogdouche en nooddouche binnen bereik bij werk met bijtende vloeistoffen.

Voor meer informatie over de classificatie en etikettering van gevaarlijke stoffen verwijzen we naar onze kennisbankartikelen over het veiligheidsinformatieblad (VIB/SDS) en over ATEX-richtlijnen voor explosieveilige omgevingen.

Veelgestelde vragen over PGS-15 en gevaarlijke stoffen opslag

Wat mag je niet opslaan in een opslagbox?

In een standaard opslagbox (zoals een zeecontainer of magazijnkast zonder speciale voorzieningen) mogen geen gevaarlijke stoffen worden opgeslagen die boven de PGS-15 drempelwaarden vallen, tenzij de box voldoet aan de eisen voor brandveiligheid, ventilatie, lekopvang en scheiding van onverenigbare stoffen. Specifiek verboden in een niet-gecertificeerde opslagbox: brandbare vloeistoffen boven de werkvoorraadhoeveelheden, oxidatoren, zeer giftige stoffen en ongeconditioneerde gasflessen.

Hoeveel aspen mag je opslaan?

Aspirine (acetylsalicylzuur) is geen gevaarlijke stof in de zin van PGS-15 bij normale gebruikshoeveelheden. De vraag refereert vermoedelijk aan aceton of een andere brandbare vloeistof. Voor aceton (vlampunt −20 °C, brandbare vloeistof klasse I) gelden dezelfde opslagslimieten als voor andere brandbare vloeistoffen: maximaal 25 liter als werkvoorraad buiten een gecertificeerde kast, meer in een goedgekeurde brandstofkast of PGS-15-conforme opslagruimte.

Welke gasflessen mag je zelf vullen?

In principe mag je als gebruiker geen gasflessen zelf vullen. Gasflessen zijn eigendom van de gasleverancier en mogen alleen worden gevuld door gecertificeerde vulstations met de juiste apparatuur en keuringen. Uitzonderingen gelden voor bepaalde specifieke toepassingen zoals CO₂-sifons voor dranken, maar dit valt buiten de industriële laboratoriumcontext. Laat gasflessen altijd ophalen en vervangen via uw gasleverancier.

Wat zijn de richtlijnen voor de opslag van gasflessen in een laboratorium?

Gasflessen in een laboratorium moeten rechtop staan, vastgezet zijn met een ketting of beugel, gescheiden worden bewaard van onverenigbare gassen, en worden opgeslagen in een geventileerde ruimte of gecertificeerde gasflessenkast. Volle en lege flessen worden apart gehouden. Bij inpandige opslag gelden de eisen uit PGS-15 en PGS 37-1. Raadpleeg uw arbodienst of veiligheidskundige voor een opslagplan dat is afgestemd op de specifieke gassen in uw laboratorium.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.